Dood
De dood komt vaak, al dan niet expliciet, voor in Camperts poëzie. Het afscheid nemen (van het leven, geliefdes, vrouwen, collega's ...) komt in het gedicht Licht van mijn leven, duidelijk aan bod. Dit gedicht geeft weer wat voor Remco Campert de belangrijkste dingen in het leven zijn. Poëzie, bijvoorbeeld, is het licht van zijn leven, zijn uitlaatklep waarin hij kan verdwalen. Hierop kan hij terugvallen, op vertrouwen, als het even moeilijk gaat. In dit gedicht blikt hij terug op zijn leven hoe het allemaal begon ...
Licht van mijn leven, is terug te vinden in een gelijknamige dichtbundel. Hierin is de dood het hoofdthema. Gedichten over bekende, bevriende artiesten van wie hij reeds afscheid moest nemen, over de vergankelijkheid van het leven en loslaten.

Licht van mijn leven
Het levenslicht zag ik in Den Haag maar in Amsterdam, Van Eeghenlaan zeven, te midden van dichters (Luceberts schaterlach, Schierbeeks hikkende Boek Ik), zagen mijn wóórden het licht dat me niet meer verliet, trouw door dik en dunner dan dik
nu zoveel jaren later loop ik nog even door de straten van datzelfde Amsterdam, tot in een knipperend ogenblik het leven me loslaten zal
laat me dan, dat moment gekomen, opnieuw nog even zweven boven het Stedelijk dan verder al hoger boven de bomen in het Vondelpark waarna ik, mijn tijd opgeheven, voor eeuwig uiteenval, me verenig met het fijnstof van de stad, met de spiegeling van het zonlicht in het water van de gracht en word meegenomen met de glimlach en de dromen van het meisje dat ik eens op een tramhalte zag
Bron: Campert, R. (2014). Licht van mijn leven. Amsterdam: De Bezige Bij.
